|
KUALA LUMPUR
|
MODDERIGE STROOM |
|
|
Allereerst brengen
we een bezoek aan de Hindoetempel Sri Mariammam, met een fraai dak dat bijna
bezwijkt onder de kleurige beeldenpracht. We ontmoeten er een Surinaamse
Hindoestaan die perfect past bij deze achtergrond. Hijzelf vindt van niet; hij
voelt zich daarvoor te modern. Vervolgens steken op gevaarlijke wijze de
stadsautosnelweg over; aan voetgangers wordt in deze moderne stad nauwelijks
gedacht. We lopen over een brug en onder ons ligt het in Moorse stijl
gebouwde, met fraaie koepeltjes bekroonde stationsgebouw. Later zullen we daar
terugkomen. Vlakbij ligt de Mesjid Negara, de staatsmoskee. We moeten even wachten voordat we het modernistisch aandoende gebouw mogen betreden. Clim en Jos lopen in korte broek en krijgen lange bruine gewaden uitgereikt om hun blote benen te bedekken.Een kijkje nemen in de gebedshal is niet toegestaan. De marmeren tegels voelen koel aan. Het is er niet druk. Soms zie je er klassen schoolkinderen die allen in een uniforme moslimdracht zijn gehuld. Maleisiërs hebben de naam de Islam behoorlijk fanatiek te belijden,naar men zegt als tegendruk voor de cultureel en vooral economisch opdringende etnische Chinezen in hun land. Om het terrein te verlaten kruipen we oneerbiedig over het hek; dat had ons duur te staan kunnen komen! |
|
|
Net als in de Europese kathedralen is het tijdens hete zomers in moskeeën goed toeven: je bent er van veel rust en koelte verzekerd! Bovendien kun je je er desgewenst ook nog op je gemak mediteren... |
In het moderne Dayabumi-complex hebben we een goed uitzicht op de skyline van KL. We kunnen er helaas niet naar boven, wel op maandag vertelt iemand ons. Het is nu zaterdag, over twee dagen zullen we hier weer staan. Iets verder ligt de padang, een uitgestrekt cricketveld (ze spelen er net een game) omringd door fantastisch uitziende gebouwen uit het begin van deze eeuw. Bijna alles is er bijzonder fotogeniek en we laten onze camera's dan ook overwerken. Zelfs Ben laat zich voor zijn doen niet onbetuigd en maakt menige opname. Bij de padang staat ook een enorm hoge vlaggenmast, de hoogste ter wereld, zegt men. In de Selangor Country Club worden we niet toegelaten: members only.
|
|
Als laatste bewonderen we de bijzonder mooie oude moskee. Het is een kleine, maar delicate constructie waar we niet mogen fotograferen (maar toch doen). Een waanzinnig uitgedoste tempelwacht deelt pamfletten uit. De moskee ligt strategisch precies in het hart van KL in de vork van de samenvloeiing van de twee modderige riviertjes, de Gombok en de Kilang. Jos en Clim lopen opnieuw voor schut in hun lange, pijachtige gewaden. Over de kaden van de rivier bereiken we de overdekte Centrale Markt met veel moderne winkels en eetgelegenheden. Duur naar Maleisische begrippen. Er is sierbestrating, het lijkt hier wel West-Europa. Op weg naar het hotel begint Ben op een
parkeerplaats plotseling als een dronken man te zwalken. Hij dreigt tegen de
vlakte te gaan, maar gelukkig kan hij nog bijtijds op een stoeprand gaan
zitten. Hij ziet lijkbleek en trilt als een riet. Na 5 minuten rusten
verdwijnen de onrustbarende verschijnselen grotendeels en met knikkende
knieën weet hij toch het hotel te bereiken. De anderen vrezen een herhaling
van Bukittinggi: weinig eten, warm klimaat met als voor de hand liggend
gevolg: uitputting. Ze hopen er het beste van. De oude Chinese heeft goed en
snel werk geleverd: het wasgoed ligt al gestreken en alles klaar! Bij de
receptie schrijven we in voor de excursie "Country Tour" voor
maandagmorgen. |
![]() |
|
In voormalige Britse koloniën is cricket een populaire sport gebleven |
In
Kuala Lumpur is het weer Robbert die de kamer deelt met Ben. Deze is aan het
bekomen van de schrik en rust anderhalf uur lang uit, roerloos liggend op zijn
bed en met open ogen starend naar het plafond. Hij wil niet slapen omdat hij
dan te moe wordt, zegt hij. Om acht uur voelt hij zich fit genoeg om mee de
stad in te gaan: per slot van rekening hebben we afgesproken dat we gaan eten
bij "Kentucky Fried Chicken". In het op Amerikaanse leest geschoeide
restaurant is het afgeladen vol, vooral jeugd zit er te bikken. Jos en Clim
voelen zich in dit gezelschap ouwe zakken, het schrikbeeld (?) van de vut-leeftijd
dreigt hier realistische vormen aan te nemen. Ben voelt zich als een vis in
het water en doet de bestellingen tussendoor. Clim vergaloppeert zich en
bestelt per abuis een familieportie van 6 grote gepaneerde stukken kip. Maar
òp gingen ze, daar zorgden de anderen wel voor.
Buiten
is een 'pasar malam' gaande in Chinatown. Het is er gezellig druk en er hangt,
mede door de gebrekkige verlichting, een geheimzinnige sfeer. Jos wil er
langer rondhangen, maar de anderen willen zo rap mogelijk naar de Central
Market, want uiteindelijk hebben ze daar 's middags een pub gesignaleerd. Op
straat valt ons op dat er alleen maar spiksplinternieuwe types auto rijden; ze
banen zich voorzichtig maar wel hardnekkig een weg door de menigte. De
overdekte markt biedt ook een tehuis aan homo's en transseksuelen, tenminste
volgens Robbert en Clim die er het in rose tinten opgefleurde openbare
toilet bezoeken. In de Bull's Head Pub, die voor Engels moet doorgaan, maar
eigenlijk die onovertroffen Britse sfeer mist, bestellen we hele schenkkannen
bier; ze bevatten 4 pullen. De klandizie bestaat uit westerlingen en moderne
autochtonen. Een van de obers draagt een modern staartje. Als we teruglopen
naar het hotel zien we drommen voetbalsupporters op straat, de match is net
afgelopen. In een winkel die 24
uur open is (kom daar maar eens om in Nederland!) slaan we chocolade in (Ben)
en blikjes bier (de anderen). Ben heeft duidelijk het voornemen om aan te
sterken, de collaps van die middag heeft onmiskenbaar een waarschuwende
werking gehad.
‘s
Morgens laten Jos en Clim zich door de receptie per telefoon wekken. Ben gaat
apart eten, later blijkt hij westers spul gekocht te hebben in de Hop-In
(die 24uurs zaak). De anderen eten vegetarisch (toevallig hoor) tegenover
een Sikh-tempel. Het blijkt nog duur te zijn ook. In het gastenboek
wordt deze zaak door westerse freaks opgehemeld, interessante verhalen staan
er trouwens in. We krijgen er
noodles, loempiaatjes, sausjes en thee voorgeschoteld. Geen eieren dus,
hetgeen Robbert allerminst tot tevredenheid stemt. Uit wraak gaat hij poepen
in de keuken, maar de keuken neemt wraak op hem: gruwend van de onhygiënische
toestanden aldaar keert hij terug.
De Sikhtempel die we ’s morgens bezoeken heeft niets te bieden; wel twee
verderop gelegen Chinese tempels.
In een ervan krijgen we koel water aangeboden van een stokoude grijsaard. Te
voet begeven we ons, onder anderen via taluds van autowegen, naar het
Koninklijk Paleis. We bewonderen er de gouden hekken van de toegangspoort; we
mogen niet naar binnen. Het paleis wordt momenteel bewoond door de huidige
sultan van Selangor. Een busvracht toeristen overspoelt ons. Een nieuwe
wandeling dwars door alle verkeerswegen, viaducten en gazons heen brengt ons
naar het fantastische spoorwegstation. We kopen er alvast kaartjes voor de
reis naar Georgetown, Penang. (Om precies te zijn: Butterworth op het
vasteland) Ook reserveren we plaatsen. Natuurlijk nemen we eerste klas.
Terwijl we pauzeren drinken we 100 Plus, de enige frisdrank die enigszins te
pruimen is omdat hij niet zo zoet is als al
die anderen.
|
|
|
Nationaal Monument, lijkt op Iwo Jima Memorial in Washington |
We
laten ons per taxi (uiteindelijk kunnen we de kosten ervan door vieren delen)
naar het uitgestrekte stadspark brengen. Ons eerste doel, een paleis, is
gesloten. We lopen zuidwaarts en bezichtigen achtereenvolgens het Nationaal
Monument (een groep gebeeldhouwde figuren, sterk lijkend op het Iwo Jima-kunstwerk
in Washington), een kunsttuin met modernistisch objecten en het
architectonisch opvallende, nieuwe Parlementsgebouw. Over allerlei weggetjes
en paadjes en langs een lange kunstmatige vijver (een overblijfsel van
tinproductie, nu kunnen de burgers er op spelevaren) komen we nabij het
Archeologisch Museum.
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Om
zeven uur nemen we een taxi naar de Chow Kit wijk in het noorden van Kuala
Lumpur. Het gaat er levendig aan toe: veel straathandel en eetstalletjes. Er
is veel volk op de been. Jos koopt een nieuw reiswekkertje, Clim vult zijn
voorraad sokken aan. Naderhand blijken die veel te klein te zijn en krijgt Jos
ze cadeau. Als we op een met tentzeil overdekt terras vettige saté zitten te
eten, valt ineens het licht uit. De kerosinelampen gaan aan, maar niet voor
lang want de storing is slechts kort van duur. We worden belaagd door
bedelaars, met name Clim windt zich hierover op. Hij is van mening dat ze maar
bij moslim geloofsgenoten hun hand op moeten houden.
Een jonge, bijzonder sympathieke taxichauffeur brengt ons voor een
schijntje (hij gebruikt gewoon de meter, het blijkt dat we stelselmatig 2 tot
3 maal te veel aan taxi's spenderen) terug naar onze wijk. Hij onthult ons
zijn Spartaanse levenswijze: geen sport, geen seks, geen alcohol en tabak,
geen vlees en elke dag vroeg op om 14 uur te werken. Daarbij blijf je fit. Hij
ziet er inderdaad gezond en levenskrachtig uit voor zijn 34 jaar. Voor ons
hotel staat bij het busstation een orkest oorverdovend te musiceren of wat
daarvoor doorgaat. Ze schijnen bij de verkopers van crèmes en zalfjes te
horen. Onder onze kamers is men bezig met pneumatische hamers het wegdek open
te breken. De straat krijgt een nieuw riool, de oude is vanmiddag tijdens een hoosbui bezweken. Gemeentewerken komt in deze stad wel snel tot actie
|
Clim en Robbert zweren die ochtend weer bij eieren en dat breekt hen op; ze
krijgen min of meer rauwe eitjes, nauwelijks een minuut gekookt. We hebben een
excursie van een halve dag geboekt, de zogenaamde Country-tour. Het minibusje
wordt bestuurd door de gids, een ietwat dikkige jongeman met het stopwoordje
"yeah" ("This is the palace of the king, yeah?
It is called the Istana, yeah? You know what it means, yeah?")
We
pikken een Australische moeder met dochter en twee Vietnamese zakenlui op;
even na tien uur gaan we definitief op pad. Het valt allemaal bar tegen. De
Ambassy Row is gewoon een brede straat met veel ambassadegebouwen, het
kamponghuis bekijken we vanuit het busje en de rubberplantage bestaat uit een
bosje van zo'n 30 bomen. We vinden het nu al een aanfluiting, maar het wordt
nog erger. |
|
De volgende trekpleisters bestaan uit een tinverwerkende fabriek (grootste ter wereld, de Selangor Pewter Factory), een batikfabriek en Papillon, een werkplaats waar men allerlei soorten insecten (kevers, vlinders en schorpioenen) verwerkt in gebruiksvoorwerpen.
Bij de eerste krijgen we een bliksemrondleiding van 5 minuten, waarna we een kwartier doorbrengen in een showroom met dure tinprodukten e.d. Voor de winkel staat de grootste bierpul ter wereld (volgens Guinness Book of Records), dus daar gaan alle toeristen, wijzelf niet uitgezonderd, op de foto. Het batikfabriekje is helemaal een aanfluiting; niks geen fabriek maar 3 weefgetouwen die niet in gebruik zijn, maar uiteraard wel een gigantische souvenirshop. De Vietnamezen blijven daar zo lang inkopen (waar halen die lui dat geld vandaan?) dat de gids op onze aandrang hun achterlaat. Later gaat hij hen apart ophalen. Bij Papillon koopt Jos enkele presse-papiers met een schorpioen en een vlinder erin verwerkt. De giftige schorpioenen krioelen buiten in een soort bak rond.
|
|
Er zijn genoeg Hindoetempels in Maleisië, maar ze lijken allemaal een beetje minder goed verzorgd dan de tientallen Chinese bedehuizen. Meestal zijn ze volgestouwd met godenbeelden van allerlei slag. |
|
Verspreid over heel Maleisië liggen
typische kalksteenbergen. |
De moskeeën zijn over het algemeen zeer netjes verzorgd. Vooral van buiten zien er schitterend uit met hun gouden koepels en ranke minaretten. |
De laatste stop vindt plaats bij de beroemde Batu-grotten die aan
de Hindoeïstische godenwereld zijn gewijd. We werken ons de 272 treden omhoog
en belanden in een gigantische ruimte met hier en daar
druipsteenformaties. Tegen en in de wanden zijn schrijnen, altaren en
heiligdommen aangebracht. Het maakt de indruk van een enorme natuurlijke
kathedraal. We bezoeken ook nog twee kleinere grotten die kunstmatig aandoen
met hun kleurig gesausde muren en een soort driedimensionaal stripverhaal van
beelden tegen een achtergrond van rotsschilderingen. Buiten ligt een vijver
met gifgroen water waarin arcadische tafereeltjes worden afgebeeld. Het
grotbezoek vormt inderdaad het hoogtepunt van de excursie, de rest is
kwalitatief inferieur, knap waardeloos in gewone mensen-termen. Om twee uur zijn we terug in het centrum.
We kopen postzegels en doen direct al een stapel ansichtkaarten op de
bus in het postkantoor. Daarna scheiden onze wegen zich. Ben en Clim gaan naar
het Numismatisch museum in het Maybank-gebouw, een moderne
constructie. Er is wel een kleine collectie munten die geëxposeerd worden,
maar er is niets te koop. Ze gaan te voet terug naar het hotel. Jos en Robbert
nemen een taxi naar de Thean Hou Tempel, een schitterend en immens Chinees
gebouw, pas 20 jaar oud. Het panorama van de stad wordt bedorven door een
scherm van regenvlagen. De tempel ademt weelde, voornaamheid en prestige uit
en ligt op een heuvel. Ze hebben een aardige chauffeur die hen naar een
Boeddhistische tempel brengt en zelf mee naar binnen gaat; hij is ook
nieuwsgierig. De tempel ligt er verlaten en onverzorgd bij. Hier en daar
loopt een monnik rond. Om half zes zijn ze weer terug bij hun maatjes in het
Starlight-hotel.
|
|
|
Veel
hebben we ons voorgesteld van de geïllumineerde Padang, maar dat valt bitter
tegen. De zaak wordt alleen in het weekend sprookjesachtig verlicht en vandaag
is het maandag, vandaar dat er niks te genieten valt. Geen mooie nachtopnamen
dus. Evenmin treffen we er de ooit beroemde flanerende travestieten en homo's
aan. De overheid heeft ze hier verwijderd, expositie van al die perversiteiten
heeft geen pas met al die nette toeristen. Clim vindt Maleisië onder anderen
wat dit soort vrijheid betreft een soort verkapte politiestaat; alles is er zo
netjes en clean dat het gewoon onnatuurlijk aandoet, zeker voor een bijna-derdewereldland. We ronden de Jama Masjied en keren terug naar de Centrale Markt.
Onderweg pitsen we er nog eentje in een groot, goed verlicht en kaal café.
Een Indiër groet speciaal Clim amicaal en schuift aan. Hij maakt aanstalten
om op onze kosten te gaan hijsen. We negeren hem maar hij is zo halsstarrig
dat Clim hem uiteindelijk in niet mis te verstane bewoordingen moet verjagen.
Bij de Bull's Head Pub is het terras open. Het goedlachse dienstertje doet
haar werk in een Heineken-costuum.
|
|
|
MEER INFO KUALA LUMPUR
Een originele bouwstijl
Kuala Lumpur biedt een harmonieus stadsbeeld van moderne gebouwen,
geïnspireerd door een traditionele islamitische architectuur.
De hoofdstad van Maleisië ligt 45 km landinwaarts in het westelijke
kustgebied van het schiereiland, in een streek van dalen en valleien die
uitloopt in de Straat van Malakka. Kuala Lumpur ligt aan de samenvloeiing
van de rivieren (sungai) Kelang en Gombak en is een moderne metropool met
brede straten en uitgestrekte parken, die echter zijn islamitische karakter
niet verloochent. Zelfs de moderne gebouwen tonen onmiskenbaar islamitische
trekjes. Het centrum bestaat uit de handels- en bestuurswijk, met
hoogoprijzende kantoortorens op de oostelijke oever van de sungai Kelang. De
regeringsgebouwen staan op de wat heuvelachtiger westelijke oever. Talrijke
in een fraaie Moorse Stijl opgetrokken gebouwen uit de koloniale tijd zijn
goed bewaard gebleven. Rond het stadshart ligt de pittoreske Chinese wijk,
met houten winkels en restaurants van met meer dan twee verdiepingen, die
sterk afsteekt bij het eigentijdse handelsdistrict. Elders in de stad treft
men de bakstenen woonflats en moderne bungalows van de Maleisische
bevolking. Kuala Lumpur is slechts 130 jaar oud, maar desondanks een stad
met karakter, waar oude inheemse huizen met daken van atap (palmbladeren) en
de minaretten en koepels van de moskeeën afsteken tegen een skyline van
moderne wolkenkrabbers. De stad heeft de laatste tijd een zeer snelle groei
gekend en breidt zich uit in de vallei, richting Straat van Malakka. Ten
westen van Kuala Lumpur is een nieuwe woonstad verrezen, Petaling Jaya.

CIJFERS
Bevolking: 1,3 miljoen inwoners (Maleiers, Chinezen, Indiërs, Singalezen,
Europeanen) Oppervlakte: 243 km2 / Bevolkingsdichtheid: 6173 inw./km2
WETENSWAARDIGHEDEN
Hoofdstad van de staat Selangor en de Federatie van Maleisië
Talen: Maleis (officieel), Engels en Mandarijn - Chinees
Munteenheid: ringgit
Godsdiensten; Islam, boeddhisme, hindoeïsme, Christendom
Belangrijkste haven: Kelang / Metronet
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Voedingsmiddelenindustrie. Rubber, cementfabrieken, tinsmelterijen.
Automobielbouw, elektronica, ijzer en staal. Olieraffinaderij.
Kuala Lumpur dankt zijn ontstaan aan twee Chinese kooplieden die hier 130
jaar geleden een handelspost vestigden ten behoeve van de winning van de pas
ontdekte tinvoorraden. Dankzij de toestroom van mijnwerkers en gelukzoekers
naar de nabijgelegen mijnen van Ampang groeide Kuala Lumpur al snel uit tot
een bedrijvige maar bandeloze stad, waar avonturiers en ongeregelde bendes
elkaar naar het lever stonden. De plaatselijke sultan stelde de Chinees Yap
Ah Loy aan om orde op zaken te stellen en deze regeerde tussen 1868 en 1885
met ijzeren hand over de tinbaronnen, tot grote voldoening van de Britten
die de tinwinning wilden stabiliseren. Tenslotte kwam Kuala Lumpur order het
gezag van een driemanschap, bestaande nit Yap Ah Loy, Tengku Ku-din, de
schoonzoon van de sultan van Selangor en de Engelse resident Frank
Swettenham. Het was Swettenham die de eerste stadsplanning uitwerkte en
nauwelijks veertig jaar na de komst van de eerste handelaren werd Kuala
Lumpur uitgeroepen tot hoofdstad van de staat Selangor. Al voor de
eeuwwisseling bouwden de rijke tinbaronnen hier hun riante residenties. In
1896 werd Kuala Lumpur de hoofdstad van de Straits Settlements, de door
Engeland geregeerde stater van Maleisië. De stadsbevolking bestond toen voor
80% uit Chinezen. In het begin van deze eeuw werd het kosmopolitische
karakter van Kuala Lumpur nog versterkt door duizenden immigranten uit
India, die werk vonden op de rubberplantages in deze streek.
KLIMAAT
Tropisch en vochtig. Gemiddelde temperaturen: januari, 27'° C; mei, 28° C.
BEZIENSWAARDIGHEDEN
Merdeka Square, Chinatown, het station, Nationaal Museum (Muzium Negara),
Sultan Abdul Samad Buil¬ding (nabij het stadhuis), Masjid Jame-moskee (bij
Merdeka Square), Masjid Negara (bij het station), de tempel Chan See Shu
Yuen (aan het eind van de Jalan Petaling), de tui¬nen van het meer, Central
Market.
KL: Ontstaan uit de tinwinning
Kuala Lumpur ontstond als een bevoorradingsplaats voor de tinontginning uit
de 19e eeuw.

ONZE ANDERE REISVERSLAGEN ALASKA / ARGENTINIË / AUSTRALIË / AVONTUREN / BALKANREIS / BELGIË / BELIZE / BULGARIJE / CANADA / CALIFORNIË / CHILI / CHINA / CUBA / CURAÇAO / CYPRUS / DENEMARKEN / DUITSLAND / ECUADOR / EGYPTE / ENGELAND / ESTLAND / FILIPPIJNEN / FINLAND / FOTOSITE / FRANKRIJK / GRIEKENLAND / GUATEMALA / HONGARIJE / IERLAND / INDIA / INDONESIË / IRAN / ISRAËL / ITALIË / JORDANIË / KRETA / KROATIË / LETLAND / LITOUWEN / MADEIRA / MALEISIË / MALLORCA / MALTA / MAROKKO / MEXICO YUCATAN / MEXICO / NEPAL / NEW YORK / NOORWEGEN / OEKRAÏNE / OEZBEKISTAN / OOSTENRIJK / PARAGUAY / PERU / POLEN / PORTUGAL / REISFOTO'S / ROEMENIË / RUSLAND / SCANDINAVIË / SICILIË / SINGAPORE / SLOVENIË / SLOWAKIJE / SPANJE / SRI LANKA / SYRIË / THAILAND / TSJECHIË / TUNESIË / TURKIJE / UNESCO - SITE / URUGUAY / USA / WERELDERFGOED / ZUID-AFRIKA / ZWEDEN |