|
|
POORT
NAAR MALEISIË
We
nemen een taxi en laten ons naar hotel Melakka brengen. Prijs fl 17,50 p.p.,
wel inclusief airco. De Chinese baas staat erop dat we vooruit betalen. Dit is
typerend voor deze stad: hier eist men boter bij de vis, alles staat in het
teken van de "fast buck". Volgens ons is deze stad meer een uit de
kluiten gewassen smokkelaarnest dat met scheve ogen kijkt naar buurman
Singapore. ‘s Avonds in de stad merken we al dat de tientallen
geldwisselaars alleen contant geld accepteren, géén traveler cheques. Het is
druk in de straten. Op de trottoirs en in de portieken vertoont volk van
allerlei slag hun kunsten. Jos is er toevallig getuige van hoe een broodmagere
fakir een kris in zijn maag plant zonder dat er ook maar één druppel bloed
vloeit! De anderen geloven hem niet. We blijven iets langer staan bij een duo
slangenbezweerders die in de weer zijn met een vette python, een slanke cobra
en ander giftig gebroed. Ben blijft wijselijk op 10 meter afstand gruwen. En
passant informeren we naar de prijzen voor een taxi naar het plaatsje Melaka.
Op het centrale plein ligt een Zuidindiase Hindoetempel, er wordt nu een
avondmarkt (pasar malam) gehouden met tientallen delicatessen. Toch eten we
een stukje verderop, ergens waar je ook nog bier kunt krijgen. We laten ons
gebraden eend voorzetten. Het smaakt ons best, Ben uitgezonderd.
Als
we in de buurt van ons hotel een afzakkertje willen nemen blijken we midden in
de rosse buurt te zijn beland. "Rumah minuman" heeft hier niet
alleen de betekenis van drinkhuis, maar ook van animeertent. We hebben geen
zin in het afpoeieren van goedkope hoeren en het betalen van dure dranken.
Dorst hebben we wel, dus we lopen het luxe hotel Merlin Inn binnen. Het is er
bijzonder kil, de airco werkt hier op volle toeren. Het bier is er best maar
te duur naar onze smaak. Naast ons komen Limburgers zitten die met een
groepsreis op vakantie zijn. We liggen weer redelijk op tijd in bed.
De chauffeur is een goedlachse etnische Maleisiër, een van de weinige niet-Chinezen die we op dit schiereiland hebben ontmoet. Het wordt een saaie rit die uitmondt in een pas aangelegde autosnelweg. De tocht trekt zich lang vanwege de vele vrachtauto's waarachter we moeten blijven hangen. We rijden langs tal van rubber- en oliepalmplantages. Ook zien we veel kaalslag om plaats te maken voor nieuwe wegen en industrieterreinen. Maleisië is namelijk een NIC-land: Newly Industrialized Country. Om vijf uur komen we in het kuststadje Melakka aan, een uur later dan gepland.
|