|
|
MEER INFO JAKARTA(DAG 3)Kaart van Jakarta
Merdeka Medan, vroeger KoningspleinTijdens het ontbijt, dat bestaat uit drabbige koffie en geroosterd brood, schrijven we onze eerste kaarten en nemen we uit voorzorg tegen mogelijke diarree entosorbine in. Tegen negen uur lopen we te voet naar het centrum, dat gevormd wordt door het ruime plein Merdeka Medan, in de koloniale tijd het Koningsplein genoemd. Op het plein is het Jaarbeursexpositieterrein gesitueerd, alsmede het Nationale Monument van de Bevrijding, een 137 m hoge, fallusachtige gedenknaald. Het plein maakt nu een verlaten indruk. Op zoek naar het hoofdpostkantoor (Kantor Pos!), waar Robbert een girobetaalkaart maximaal wil verzilveren, belanden we abusievelijk bij het pompeuze Ministerie van Communicatie. Daarop besluiten we een bemo (gemotoriseerd driewielig voertuig voor twee personen) aan te houden. Robbert neemt de taak van het "tawarren" (onderhandelen over de te betalen prijs, afdingen) op zich en komt uit op 500 R.
Last van de hitteIn het postkantoor bevinden zich meerdere reizigers, waaronder een Nederlandse die zich moeilijkheden op de hals haalt door fl 2.000 te willen wisselen, in Indonesische ogen een astronomisch bedrag. Jos slaat een voorraad postzegels in en doet de brieven en ansichtkaarten op de bus. Buiten is Jakarta inmiddels weer zo heet als een oven geworden. Zowel Robbert als Jos kunnen gezien hun lichaamsomvang niet zo goed tegen hoge temperaturen, laten we hierover in onze plaats de Nederlandse criticus S. Montag spreken:
Ruzie en geharrewar met taxichauffeur
|
![]() |
![]() |
De rest van de middag (vanaf 12.00 uur) brengen we door in het Taman Mini, waarin alle typische bouwstijlen van de Indonesische archipel levensgroot zijn vertegenwoordigd. We huren twee kinderfietsjes, waarop we er bespottelijk uitzien; we trekken dan ook enorm veel bekijks van de voornamelijk autochtone bezoekers. Toeristen zijn er in dit ruim aangelegde en goed verzorgde park nauwelijks te vinden. Allereerst versterken we de inwendige mens met sateh met rijst. Een Engels sprekende "inlander" (Foei, zo mag je die 'peloppers' niet meer noemen .... ) zoekt contact. Hierbij blijk voor het eerst dat men in Indonesië het Nederlands voetbalelftal op handen draagt, vooral vanwege de sterkwaliteiten van bruine jongens als Gullit, Rijkaard, Vanenburg, Silooy, etc.; namen die we in steeds andere verbasterde vorm moeten ontcijferen. We maken erg veel foto's, hoewel de omstandigheden niet ideaal zijn, want donkere regenwolken pakken zich dreigend samen. Rond drie uur mogen we onze eerste echte tropische regenbui beleven. Het water valt inderdaad met bakken uit de hemel! Gelukkig kunnen we schuilen onder het afdak van een replica van een Molukse woning.
| Om halfvijf houden we het park voor gezien. We leveren de minifietsjes in en drinken bij een stalletje met zitje 3 grote flessen Bintang bier. Rond 20.00 uur trekken we de stad in. We sjouwen een zware schoudertas vol met fotospullen en waardepapieren met ons mee. De stad is bijzonder slecht verlicht en doet ietwat luguber aan. Er staan tal van kraampjes langs de wegen, waar je voor een luttele cent kunt eten en drinken. Het stinkt er behoorlijk vanwege de hier en daar open liggende riolen vol drek en ongedierte. We besluiten te gaan dineren op de wijze van Padang:tien gerechten op tafel,wat je eet reken je later gewoon af. We laten alleen de pens en de garnalen over, respectievelijk vanwege de onsmakelijkheid en het gezondheidsrisico. Het volgende verdwijnt wel grif in onze Holle Bolle Gijs-magen: 3 soorten kippenbout, hersens, pikante rijst, waterbuffelfilet, makreel, gekookt ei in kerriesaus en rundslever. We drinken er thee bij. Prijs: tientje per man. In het restaurant lopen sjofele lui hoge stapels woordenboeken te verkopen. |
| We drinken een pint op het terras (nou ja, meer een tuin) van de disco "The Pink Panther". Daar worden we onmiddellijk overvallen door een stel naar contact (en o.i. meer naar seks en daarbij behorende afrekening in klinkende munt c.q. harde valuta) hunkerende jonge dames. Wij houden de boot af en kiezen min of meer het hazenpad. Niet alleen vanwege de hardnekkige meiden, maar ook vanwege de even hardnekkige muggen. Onderweg naar het hotel valt ons een soort naakte fakir op die als natuurgenezer adverteert. Links en rechts flitsen ratten zo dik als katten voorbij. Zelfs in de gang van het hotel zien we een rat die haar toevlucht zoekt onder een kast. We gruwen niet, maar hebben er gewoon plezier in. Er zijn meer ratten dan mensen op Java, zegt men; we geloven het direct. Aan de bar maken we nog kennis met een Indo uit Eindhoven die bij Volvo werkt. Hij geeft ons een goeie tip om met de moderne boot "Kambuna" naar Surabaya te reizen. Voordeel ten opzichte van een treinreis: meer comfort en geen vertraging. We overwegen zijn advies op te volgen. |
|
CITAAT |
"De reis naar buiten is, als het goed is, tegelijk de reis naar binnen." |
Oosterse wijsheid |
We staan later op dan eigenlijk de bedoeling is; er is iets met de reiswekker. Aan het ontbijt ontmoeten we de Indo van de avond tevoren opnieuw. Hij blijkt homo te zijn die regelmatig de sauna van "Slingerhannes" in Roermond (bedoeld is: 'Sjinderhannes") blijkt te bezoeken. De kleine handelsreiziger (die tevens in antiek, oude munten, vlinders en hout uit Kalimantan handelde), waarmee we gisterenavond kennis maakten, treffen we eveneens aan. Terwijl wij al sliepen schijnen zij er nog een beestenbende van te hebben gemaakt, onder aanvoering van de Eindhovenaar, die overigens in Jakarta was geboren en vloeiend plat-Javaans sprak. Aan de balie informeren we naar het adres van de scheepvaartmaatschappij die de "Kambuna" exploiteert. Met een bemo die in een sloppenwijk de weg kwijtraakt, bereiken we tenslotte het boekingskantoor. Daar staan we aanvankelijk voor het verkeerde loket in de rij, maar gelukkig helpt een Engels sprekende gepensioneerde officier van de koopvaardijvloot ons uit de brand. Dankzij zijn hulp zijn we al spoedig in het bezit van twee eersteklastickets ter waarde van fl 55- per stuk.
Met een bemo rijden we naar Sunda Kelapa, de oude haven. Na een tijdje belanden we echter in Zuid - Jakarta, hoewel we de bemorijder ons doel duidelijk op de kaart hadden aangewezen. Hij zal wel analfabeet zijn geweest, bij zo'n handicap staan wij als Nederlanders niet zo gauw stil. We drentelen wat rond bij wat een Mesjied (moskee) blijkt te zijn en vragen daar een veiligheidsbeambte de weg. Hij verwijst ons naar een taxi. Een half uurtje later staan we op de havenkade de houten Boeginese zeilvrachtboten te bewonderen. Zonder entree te betalen kom je het havengebied niet binnen; een maatregel die borg staat voor het weren van zwervers en andere tobbers.
|
|
De Boeginese zeilschepen bevaren al eeuwenlang de wateren van de Indonesische archipel. Ze zijn geheel uit hout en touw vervaardigd. |
| We bezoeken en passant de nabijgelegen Pasar Ikan (de vismarkt), waar weinig vis en veel troep wordt verkocht. Bovendien stinkt het er enorm; een alles doordringende, bederf, ontbinding en verrotting vertegenwoordigende stank. Daar ook een staaltje van dierlijke necrofilie: levende zwerfkatten die het kadaver van een soortgenoot aflikken. Nee, deze deprimerende omgeving trekt ons allerminst aan. Op de terugweg stoot Jos op een nauwe loopplank met zijn schoudertas bijna een oude, heksachtige Javaanse de prut in. In een voormalig Nederlands fort annex gevangenis is momenteel het Maritiem Museum ingericht. Het is daar dat we enige beschutting tegen de stekende zon zoeken. Binnen is het echter even benauwd als buiten en onze hemden plakken onaangenaam aan onze huid. We vinden de collectie overigens erg magertjes en staan dan ook binnen een half uurtje weer buiten. |
|
![]() |
![]() |
Via de verslonsde havenwijk, waar de bewoners hun behoefte rechtstreeks boven het open riool doen, lopen we naar het oude centrum van Batavia, nu Kota geheten. Op de oude, bekende ophaalbrug over het Molenvliet liggen blinde en kreupele bedelaars. Hier en daar zien we nog een oud-koloniaal patriciërshuis. Dit is de buurt van de taxifietsen en de ambulante handelaars. De Hollandse grachten die het centrum doorkruisen zijn onvoorstelbaar vervuild; je ziet nauwelijks meer water glinsteren tussen de onbeschrijfelijke rotzooi. Langs de gevels van oude regerings- en bankgebouwen lopen we in de richting van het station. Even achter het oude Gemeentehuis wisselt Robbert voor 100 dollar traveller's cheques in. In de bank is het ronduit kil dankzij een op volle toeren werkende airconditioning.
![]() |
![]() |
Bij het station Kota Gede neemt Jos een foto van een bende bruine boefjes die
zich in het water van een fontein vermeien. Jos laat door twee ukkies van
5 jaar zijn schoenen poetsen en trekt aldus veel bekijks. Binnen de kortste
tijd wordt hij omringd door grapjes makende mannen. Wij hebben in deze buurt toch
al bepaald geen gebrek aan belangstelling, niet alleen omdat we "Belanda"
(=Hollander) zijn, maar ook vanwege onze witte huidskleur en, vooral!, onze
lengte (Robbert) en dikte (beiden). Op straat worden we om de haverklap aangesproken
met "Hey, mister", "Hello, sir", "Where are you going?"
en soms ook in het Nederlands: "Dag meneer". Na verloop van tijd beginnen
we die nieuwsgierige blikken, nietszeggende begroetingen en zinloze vragen als
lastig te ervaren. Maar goed, voorlopig leggen wij er ons bij neer, het behoort
nu eenmaal tot 's lands folklore.
![]() |
Uitgelaten straatjochies van Jakarta amuseren zich kostelijk in het koele water van de lokale fonteinen. Ze willen maar wat graag op de foto van de Belanda's. |
Als we het station uitkomen is het alsof we een oven binnenwandelen. Het verkeer zoeft onafgebroken voorbij, zodat we ons nogal wat moeite moeten getroosten om te kunnen oversteken. We lopen de Chinese wijk Glodok in. Daar heerst een koortsachtige bedrijvigheid, het is hier allemaal handel wat de klok slaat. Langs de straten staan hele vloten van becaks, die ons hun diensten aanbieden. We lopen een van de breedste verkeersaders af, maken foto's vanaf een voetgangers - oversteekbrug (vooral van de immense reclameborden) en banen ons verder een weg door de dichte mensenmassa's.
|
|
VOC - MUSEUM
Ergens in het oude koloniale centrum bevindt zich een museum dat gewijd is aan de Nederlandse historie op de eilanden. We vinden het niet iets om aan te bevelen. |
| Onderweg naar het Merdeka - plein eten we nog ergens kerriekip en rijst. Aan de noordkant van het kolossale plein ligt het Presidentieel Paleis. Tot onze verbazing mogen we daar geen foto's nemen; ook is het verboden om over het trottoir(dat langs de paleisafrastering lig) te lopen, maar daar trekken we ons niets van aan. Op het plein drinken we bier bij een kiosk. Naast tal van souvenirhandelaars krijgen we tevens gezelschap van twee schattige schoenpoetsertjes. Robbert maakt een foto van hen. Ze krijgen van ons een fooi, maar "shoeshine' mogen ze niet en de handelaars raken aan ons hun blaasroeren en zilveren sieraden ook niet kwijt. We zien de zon letterlijk tussen de palmbomen ondergaan; als hij definitief is verdwenen valt de duisternis zo snel in dat het erop lijkt alsof er iemand (de Schepper?) het licht heeft uitgeknipt of de gordijnen heeft dichtgeschoven. |
Die avond willen we naar Nederland bellen. Op het postkantoor blijkt dat niet mogelijk te zijn. Een behulpzame student schrijft het adres op waar we wél moeten zijn voor "international phonecalls". Met de bemo gaan we er naar toe; het is in de buurt van ons hotel. Robbert regelt een en ander met de vrouwelijke operator, maar de communicatie verloopt niet best tussen die twee. De oorzaak is waarschijnlijk van technische aard. We krijgen een luxe, zwaar gecapitonneerde cel toegewezen. Deze VIP-cel blijkt evenwel niet naar behoren te functioneren, zodat we moeten verhuizen naar een meer bescheiden cel. Ma van den Born neemt niet op, daarom maar Clim uit bed gebeld (het was 13.00 uur in Roermond). Hij klinkt slaapdronken. We spreken 3 minuten en 47 sec. á raison van 22.870 Roepia of pakweg fl 28.
Om halfnegen met de bemo naar Monas om chique te gaan eten. We komen terecht in een "duur" restaurant, de Sari Kuning. Het restaurant is vaker bekroond en kan bogen op een heuse waterval binnen. Antonius, de gerant, had ooit in Nederland willen gaan studeren en helpt ons voorkomend. Voor fl 25,- doen we ons tegoed aan 3 x sateh met rijst, ossenstaartsoep, bonensoep en uiteraard een drietal pinten. Voor we vertrekken vergapen we ons voor een laatste keer aan het exotische interieur dat uit verschillende etages is opgebouwd. Een stuk verderop nemen we plaats op het attractieve, met klimplanten overwoekerde terras van café Venezia. Dit café blijkt ook een gerenommeerd restaurant te zijn. We worden er gedienstig voorzien van tweemaal twee koele flessen Bintang, resp. Anker bier. Hier proberen we nogmaals onze elektronische muggenverdrijver uit, maar de tropische muskieten raken niet erg onder de indruk van de hoge zoemtoon die hen zou moeten wegjagen. Het is nu lang niet meer zo druk op straat.
Aan de bar van ons hotel nemen we een laatste afzakkertje. We ouwehoeren een stuk weg met de twee aanwezige jonge obers. Een ervan blijkt uit Sumatra te stammen en heeft een soort hotelschool gevolgd. De ander is een echte Jakartaan; ondanks zijn jeugd is hij reeds huisvader met 2 kinderen. De bedienden in hotels en restaurant in Indonesië draaien veel uren (12 tot 16 uur per dag), maar echt hard aanpakken is er niet bij. Begrijpelijk, want de verdiensten zijn navenant laag. We laten de twee boys op onze kosten meedrinken. Als het bier al snel op blijkt, gaat een van hun elders in de stad een nieuw voorraadje inslaan. We lachen nog heel wat af. Om 01.00 uur zoeken we onze kamer op. Met de ventilator op volle toeren draaiend vallen we naakt en zwetend in een diepe slaap.
CITAAT |
"Een reiziger is iemand die de onweerstaanbare behoefte voelt om zelf de plaatsen die op landkaarten staan aangegeven te bezoeken om met eigen ogen vast te stellen of ze echt bestaan." |
Cees Nooteboom |
| Jos heeft 's morgens last van uitslag, vooral op zijn benen. Hij vermijdt het om zich te krabben. Bovendien klaagt hij nog steeds over een pijnlijk zitvlak, opgelopen tijdens het fietsen in de Taman Mini Indonesia. Robbert heeft die nacht een nachtmerrie gehad, maar kon zich daarvan niets herinneren. Misschien had hij gedroomd dat hij getrouwd was met Tina, het laatste meisje uit de Pink Panther gisterenavond dat hem bewonderend in zijn biceps had geknepen en hem bezorgd had gewaarschuwd voor gevaarlijke vulkaankraters, waar je gemakkelijk in kon donderen. Bij het ontbijt neemt Robbert zijn dagelijkse dosis anti-diarreepillen in. Verder windt hij zich op over de laksheid van de keuken die weigert eieren te serveren. We pakken onze spullen op ons gemak in en reserveren alvast een kamer voor 6 augustus, de dag voor we het vliegtuig terug naar Nederland zullen nemen. |
|
De Istiqlal MoskeeWe laden onze bagage in een bemo en bezoeken de grote, nieuwe Istiqlal - moskee. We krijgen daar een privé-rondleiding van een tempelwachter (eigenlijk een bewapende 'security guard' met portofoon). Deze leidt ons naar een aantal plekjes waar we een fotogeniek uitzicht op de stad hebben. Het is een joekel van een bedehuis, voornamelijk gebouwd uit "marble and stainless steel", hetgeen tevens de enige woorden Engels zijn die de wacht beheerst. Op geraffineerde wijze weet hij ons zo'n 4.000 roepia afhandig te maken. Fooi voor zijn kinderen, probeert hij ons duidelijk te maken. Wij vinden het meer een ordinaire afpersingspraktijk van een corrupte en waarschijnlijk onderbetaalde functionaris. Moeizaam met onze tassen slepend lopen we naar een nabijgelegen Portugese kerk van enkele eeuwen geleden. Daar houden we ons een uurtje in de schaduw heel rustig. Het interieur van de kerk stelt niet veel voor. Op een bankje naast de kathedraal drinken we Fanta. |
|
MEER INFO JAKARTA
De hoofdstad van Indonesië geeft een mengeling to zien van Hollandse en Britse bouwstijlen en van oosterse architectuur
Jakarta strekt zich uit aan de noordwestkust van het eiland Java, aan de monding
van de Cliwung - rivier. De wijk die tegenwoordig Kota heet vormt het hart van
bet vroegere Batavia, dat gesticht werd aan zee. Vroeger was het een versterkte
stad met grachten die het overtollige water van omliggende moeraszones
afvoerden. Aan de zuidkant van deze oude, door Chinezen bewoonde kern is een
nieuwe agglomeratie ontstaan die nu als het stadscentrum wordt beschouwd en
waarvan het Merdeka - plein het middelpunt is. De stad strekt zich uit over een
lengte van meer dan 25 km van het havengebied tot de zuidelijke voorsteden. De
Jalan Hayam Wuruk, een grote verkeersader omgeven door moderne flatgebouwen die
aansluit op de Jalan Abdul Muis, verdeelt de stad in tweeën. Aan de andere kant
van het centrum liggen in de schaduw van de wolkenkrabbers de kampongs, waar
allerlei bevolkingsgroepen door elkaar wonen en waar men dezelfde woonvormen
aantreft als op het Javaanse platteland. In Jakarta komen veel bouwstijlen naast
elkaar voor. Zo staan er rond het Merdeka - plein en het Lapangen Bantung -
plein Brits en Hollands aandoende gebouwen. Elders in de stad staan huizen in
traditioneel oosterse stijl in wijken met brede straten omgeven door bomen en
tuinen. Andere stadsdelen, die doorsneden worden door kronkelige straten,
bestaan uit dicht opeengepakte huisjes van hout of bamboe. In het zuiden van de
stad bevinden zich chique buitenwijken met drukke winkelbuurten. Jakarta is een
stad van tegenstellingen waar grote, moderne winkelstraten en kleurige markten
elkaar afwisselen. Behalve prachtige torenflats bezit deze snel groeiende
metropool ook de armste krottenwijken van het land.
CIJFERS
Bevolking: 8,2 miljoen inwoners (1990) (agglomeratie 10,9 miljoen inwoners)
Oppervlakte: 661 km2 / Bevolkingsdichtheid: 12.405 km2
BEZIENSWAARDIGHEDEN
De wijk Kota, Nationaal Museum, Merdeka - plein en Nationaal Monument, Lapangen
Bantung - plein (ten oosten van Merdeka), Wayangmuseum, Museum voor Schone
Kunsten, Taman Mini Indonesia Indah (pretpark ten zuidoosten van de stad).
Een verontrustende overbevolking
Het vroegere Batavia is nu een wereldstad die in alle richtingen uitgroeit en
die de plattelandsbevolking blijft aantrekken.
Op de plaats waar nu Jakarta ligt, bevond zich in de 16e eeuw Sunda Kelapa, een
handelshaven beheerd door een Javaans hindoe - koninkrijk waar specerijen en
andere waren werden verhandeld. De Portugezen arriveerden er in 1522, maar
werden er vijf jaar later al weer uitgejaagd door de moslim Susan Gunungjati,
die de stad de nieuwe naam Jayakarta gaf. Rond 1619 vestigden Britse en
Hollandse kooplieden voorposten langs de kust van de Javazee en factorijen in
Jayakarta. In 1629 probeerde sultan Agung tevergeefs de Hollanders te verjagen.
Die staken daarop de stad Jayakarta in brand en legden de bevolking een
autoritair koloniaal bestuur op, dat drie eeuwen zou standhouden. Ze bouwden
naar het model van de Hollandse steden een nieuwe stad die ze Batavia noemden.
De factorijen voor specerijen, suiker, thee, textiel, porselein, hout en rijst
brachten de stad grote welvaart. De sterke prijsdaling voor specerijen aan het
begin van de 18e eeuw had grote gevolgen voor Batavia. Maar een eeuw later
hervond de stad dankzij gouverneur-generaal Willem Daendels zijn oude glorie. Er
werden nieuwe wijken gebouwd. Kebayoran Baru, in het zuidwesten van de stad, was
de laatste woonwijk die de Hollanders zouden bouwen na de Tweede Wereldoorlog.
Van 1942 tot 1945 bezetten de Japanners de stad en doopten deze om in Jakarta.
Toen Indonesië na de Japanse capitulatie de onafhankelijkheid uitriep, werd het
de hoofdstad van de nieuwe republiek. Sindsdien is Jakarta een snel groeiende
wereldstad geworden met een onrustbarende overbevolking die de regering maar
niet weet te bedwingen.
KLIMAAT
Zeer vochtig tropisch klimaat. Gemiddelde temperaturen: januari, 26° C; juli 27°
C.
WETENSWAARDIGHEDEN
Hoofdstad van Indonesia
Talen: Bahasa Indonesia (officieel), Javaans
Munteenheid: Indonesische roepia
Godsdiensten: Islam, Christendom, hindoeïsme
Internationale luchthaven: Soekarno-Hatta
Jakarta is eveneens de grootste haven van Indonesië.
BRONNEN VAN INKOMSTEN
Industries voedingsmiddelen, textiel, chemie, elektriciteit, geneesmiddelen,
elektronica. Staal, motoren voor wagons, huishoudelijke apparaten. Meubilair.
Scheepswerven. Export van locale producten. Toerisme.
![]()
ONZE ANDERE REISVERSLAGENALASKA / ANDALUSIË / ARGENTINIË / AUSTRALIË / AVONTUREN / BALI / BELGIË / BELIZE / CANADA / CALIFORNIË / CHILI / CHINA / CUBA / CURAÇAO / CYPRUS / DENEMARKEN / DUITSLAND / ECUADOR / EGYPTE / ENGELAND / ESTLAND / FINLAND / FOTOSITE / FRANKRIJK / GUATEMALA / HONGARIJE / INDIA -NOORD / INDIA -ZUID / INDIA -RAJASTHAN / IRAN / ISRAËL / ITALIË / JAVA / JORDANIË / KRETA / KROATIË / LETLAND / LITOUWEN / MADEIRA / MALEISIË / MALLORCA / MALTA / MAROKKO / MEXICO YUCATAN / MEXICO / NEPAL / NEW YORK / NOORWEGEN / OEZBEKISTAN / OOSTENRIJK / PARAGUAY / PERU / POLEN / PORTUGAL / REISFOTO'S / RUSLAND / SCANDINAVIË / SICILIË / SINGAPORE / SLOVENIË / SLOWAKIJE / SPANJE / SRI LANKA / SUMATRA / SYRIË / THAILAND / TSJECHIË / TUNESIË / TURKIJE / UNESCO - SITE / URUGUAY / USA / ZUID-AFRIKA / ZWEDEN |